Vitamine D: naar eenduidige suppletieadviezen?

07 juli 2011 - Vandaag heeft het Voedingscentrum bekendgemaakt dat haar aanbevelingen om de toepassing van vitamine D suppletieadviezen door zorgverleners te verbeteren, zijn overgenomen door het ministerie van VWS. Dit moet een eind maken aan de verwarring onder zorgverleners, die al jarenlang min of meer in een staat van apathie verkeren.

Deze situatie ontstond in september 2008, toen de Gezondheidsraad na acht jaar radiostilte weer een advies uitbracht over vitamine D. Dit rapport leidde bij veel zorgverleners tot verwarring, onder meer door de gedetailleerde aanbevelingen voor uiteenlopende doelgroepen. Tegelijk met dit rapport verscheen overigens een ‘schaduwrapport’ van Gert Schuitemaker, in de vorm van het boek Nieuw licht op vitamine D en chronische ziekten. Dit schaduwrapport was eenduidiger en gaf daarnaast een veel ruimhartiger suppletieadvies.

Recent onderzoek van het Voedingscentrum heeft bevestigd dat bij zorgverleners al geruime tijd onduidelijkheden bestaan over de praktische invulling van de vitamine D suppletieadviezen. Op basis van een consultatieronde zijn aanbevelingen gedaan om verdere toepassing van de adviezen te bevorderen. Deze aanbevelingen zijn vastgesteld in een werkconferentie met de betrokken beroepsgroepen en vervolgens voorgelegd aan het ministerie van VWS.

De inmiddels goedgekeurde aanbevelingen moeten in de toekomst onduidelijkheden wegnemen en ook een groter draagvlak voor suppletie van vitamine D creëren. Eén van de aanbevelingen betreft het advies voor kinderen van 0 tot 4 jaar. Zo bestond onduidelijkheid over het suppletieadvies bij een combinatie van borst- en kunstvoeding. Tijdens de werkconferentie is besloten dat het suppletieadvies van 10 microgram (400 IE) voortaan voor alle kinderen van 0 tot 4 jaar geldt, ongeacht het type voeding dat ze krijgen.

Ook is besloten dat zal worden ingezet op het creëren van meer bekendheid en draagvlak onder zorgverleners. Dit hoopt men onder meer te bereiken door de beroepsgroepen voortaan te betrekken bij de totstandkoming van adviezen van de Gezondheidsraad. Ook wil men de ‘sense of urgency’ onder zorgverleners wat betreft de suppletieadviezen vergroten. Ook is het de bedoeling om de suppletieadviezen op te nemen in bestaande en te ontwikkelen behandelrichtlijnen. Daarnaast zal worden gewerkt aan vergroting van kennis en bewustwording bij consumenten die behoren tot de doelgroepen van het suppletieadvies.

Vertrekpunt voor de aanbevelingen waren knelpunten die uit de consultatieronde naar voren zijn gekomen. Een van de knelpunten is dat een groot deel van de zorgverleners de urgentie van suppletie van vitamine D onderschat. Daarnaast zien consumenten die tot de doelgroepen behoren het slikken van extra vitamine D zélf niet als een issue. Mensen die extra vitamine D nodig hebben, zijn zich hier vaak niet van bewust en vragen er zelf dus ook niet naar.

Rapportage consultatieronde vitamine D- suppletieadviezen

Wist u dat ...